Gerard Beentjes staat ergens voor. Hij kijkt om zich heen en ziet en vindt en schrijft over de dingen die hem raken. Deze dichtbundel is daar een goed voorbeeld van.
In het eerste deel spat zijn mededogen voor de bewoners van Bartiméus, de instelling voor mensen met een visuele handicap, van het papier. We kijken samen met Gerard naar de danser in de gang en we vragen ons af, danst hij van woede of vreugde? We horen het radeloze kind schreeuwen en schoppen als het licht uitgaat.

In deel twee en drie is hij de perfecte dorpsdichter. Zijn gedichten gaan over het verkrachten van kunst: een beeld dat dieven verminken voor eigen gewin. Zijn ingezonden mededeling bij de gemeentebegroting is een regelrechte aanklacht, het landschap van Anton Mauve een zoete herinnering aan vervlogen tijden.
In het laatste gedeelte bezingt de dichter zijn geliefde Schiermonnikoog. Het is niet de glanzende duintop die centraal staat, maar een woedende aanval op het besluit van de regering om een kabel onder het eiland te leggen en zo de industrie ter wille te zijn.
Er is ook een lyrische Gerard: lees over de vuurtoren die met zijn lichtbundel waakt over zijn geluk. En opeens ziet hij zichzelf weer als kind scheppend in het zand, bouwend aan zijn toekomst, vol van dromen.
De bundel is een eenvoudige uitgave van De Literaire Werkplaats, met een oplage van honderd, genummerd en gesigneerd, gebonden met een wollen draad. De vormgeving van de omslag is van Ylva Ibsen.
U kunt de bundel bestellen via info@deliterairwerkplaats.nl. De kosten bedragen, inclusief verzending: elf euro vijftig.




